Een respectvolle en harmonieuze werkomgeving waarin mens en dier als gelijkwaardige partners met elkaar communiceren.
"Het paard wordt op HippoCampus altijd als – niet-menselijke – partner beschouwd. Zodoende worden ze ook bejegend, ingezet en getraind."
De paarden en andere dieren worden op HippoCampus altijd als – niet-menselijke – partner bekeken. Hiermee wordt zorgvuldig rekening gehouden voordat wordt besloten waar zij worden ingezet: in de therapie, de zorg, bij rijlessen, cursussen, voor recreatie of in de sport.
Dit betekent dat de mens met het paard op een open en vriendelijke manier in dialoog treedt, waarbij hij naar het paard luistert, maar zelf de volledige verantwoordelijkheid voor de situatie in handen houdt. Het paard wordt gemotiveerd tot vrijwillige medewerking. Het motto is dat het paard plezier in zijn taak moet hebben en behouden, en een positieve ontwikkeling doormaakt dankzij de samenwerking. Er wordt ingespeeld op zijn communicatieaanbod, waarbij het paard binnen aanvaardbare grenzen zoveel mogelijk in zijn waarde wordt gelaten. De persoonlijkheid, behoeften, wensen en grenzen van elk individueel paard worden diepgaand gerespecteerd.
Hierdoor wordt duidelijk dat de doelen van de 'klassieke opleiding' en 'natural horsemanship' op een aantal punten zeer dicht bij elkaar liggen: met name het prikkelen van de interesse van het paard in een veilige, aangename omgeving en het bevorderen van zijn talenten in zowel lichamelijk als psychisch opzicht. Doordat we steeds meer te weten komen over de natuur van het paard, kunnen we daar in de praktijk steeds subtieler op inspesten.
Op punten waar doelstellingen van alternatieve stromingen en de klassieke paardenvriendelijke aanpak van elkaar verschillen, kiest HippoCampus steevast voor de beproefde klassieke leer. Tevens voelt het instituut zich strikt verplicht aan de ethische code zoals die is gedefinieerd door de Nederlandse Stichting Helpen met Paarden Equitherapie (SHP-E(NL)).
Van cliënten en leerlingen wordt verwacht dat zij zich aan deze visie en omgangswijze aanpassen. Het paard bepaalt binnen de settings de grenzen en mogelijkheden tijdens therapie, lessen, cursussen en zorg. De therapeut, instructeur of trainer draagt de eindverantwoordelijkheid en beschermt het paard waar nodig, zodat het door geen enkele activiteit psychische of fysieke schade oploopt.